Luchtdicht bouwen van passiefhuizen (Bron: BouwTotaal april 2008)
Woningcorporatie Aramis bouwt in Roosendaal drie passiefhuizen in houtskeletbouw. Om een zeer laag energiegebruik te garanderen, moet er luchtdicht worden gebouwd. Tijdens de ruwbouwfase zijn de woningen geïnspecteerd en zijn luchtdichtheidsmetingen uitgevoerd.
Door ir. Daan Jansen (DHV), Agnes Schuurmans (Rockwool) en René Leerstra (VDM Woningen), m.m.v. ir. Loes Joosten (DHV).
Passief bouwen heeft als uitgangspunt een zeer laag energiegebruik met een gezond binnenklimaat en een hoog comfort in zomer en winter. Een passiefhuis heeft een maximale warmtevraag voor verwarming van 15 kWh/m2, tegen ongeveer 45 kWh/m2 voor een traditionele woning. Het primaire energiegebruik inclusief huishoudelijke apparatuur ligt op maximaal 120 kWhprimair/m2 , tegen een gemiddeld gebruik van ongeveer 200 kWhprimair/m2 voor een gemiddeld huishouden. Met een dergelijke prestatie geeft het passiefhuis invulling aan het overheidsbeleid dat streeft naar steeds energiezuinigere woningen, waarbij tevens een gezond binnenklimaat wordt gerealiseerd.
Maatregelen
Om de eisen te realiseren, wordt in de eerste plaats de schil optimaal geïsoleerd en kierdicht gemaakt. Er worden zeer goed isolerende kozijnen met drievoudige beglazing toegepast. Daardoor ontstaat een minimale warmtebehoefte, waarin een relatief eenvoudige installatie kan voorzien. De woningen in Roosendaal worden verwarmd met luchtverwarming. In een centrale systeemkast is het ventilatiesysteem geïntegreerd met de verwarming en de bereiding van het warm tapwater.
Thermische schil
In het project in Roosendaal bedraagt de warmteweerstand (Rc-waarde) van de dichte delen van de thermische schil circa 10 (m².K)/W. Dit is gerealiseerd in een houtskeletbouw constructie met houten I-profielen met daar tussenin drie lagen van totaal 380 mm steenwol. De kwaliteit van de geïsoleerde houtskeletbouw gevelelementen is in hoge mate afhankelijk van het goed aansluiten van de isolatie en het voorkomen van verzakking, naden en kieren, ook tijdens vervoer en in gebruiksomstandigheden. De keuze voor steenwol is hierbij voor de hand liggend door het in elkaar grijpen van de vezels, de flexibiliteit en de vormvastheid van de platen.
Met behulp van een thermografische infraroodcamera wordt gecontroleerd op naden en kieren tussen de platen. Ondanks de zorgvuldige verwerking laat de camera het warmteverlies ter plaatse van een horizontale kier zien, wat hier en daar nog aanwezig is. Dit kan worden verbeterd door de platen machinaal op maat te maken en verspringend aan te brengen. Wanneer de steenwol zorgvuldig is aangebracht, zullen ook later geen naden en kieren meer ontstaan.
Koudebruggen
Ter plaatse van de aansluitingen van bouwdelen mogen bij een passief huis geen koudebruggen aanwezig zijn. Bij de aansluiting van de geveldelen zorgt het gebruik van houten I-profielen in de wandconstructie en het opvullen van de ruimte tussen de profielen met steenwol voor voldoende thermische onderbreking.
Ter plaatse van de aansluiting van de verdiepingsvloeren en de gevelconstructie worden de vloeren opgelegd in de gevels. De thermische schil wordt niet onderbroken doordat de holtes tussen de houten liggers in de vloer zijn opgevuld met steenwol. De aansluiting van de tussenvloeren is vergelijkbaar met de aansluiting van het dak en de gevel. Ter plaatse van de aansluiting van de gevel, begane grondvloer en fundering zijn de bouwdelen rondom ingepakt met isolatiemateriaal.
Uitvoering
De bouw is in volle gang en de ruwbouw is inmiddels gereed. Oplevering is voorzien in mei 2008. De uitvoering bij passiefhuizen komt zeer nauw. De bouwer besteedt dan ook de nodige aandacht aan de uitvoering. De mensen op de bouwplaats weten wat de bedoeling is en handelen daar ook naar.
Luchtdichtheid
Om aan de prestatie-eisen van passief huizen te voldoen is het vereist een extreem luchtdichte woning te realiseren. Volgens de eisen van het Duitse Passivhaus Institut moet bij 50 Pa drukverschil de infiltratievoud n50≤0,6 h-1 bedragen. Omgerekend naar Nederlandse termen resulteert dit in een luchtdichtheid qv;10;kar≤0,15 dm3/(s.m2).
Maatregelen
Alle te openen delen zijn voorzien van driedubbele kierdichting. Om de geveldelen voldoende luchtdicht te maken is aan de binnenzijde van de houtskeletbouw constructie een dampremmende en luchtdichte folie aangebracht. Bij de aansluiting van de folies zijn deze overlappend aangebracht en eenzijdig afgeplakt met een daarvoor ontwikkelde tape.
Luchtdichtheidsmetingen
Op 20 februari 2008 zijn tussentijdse luchtdichtheidsmetingen uitgevoerd in de woningen. De woningen bevonden zich op dat moment in de ruwbouwfase. De thermische schil was voltooid en de dampremmende folie in de constructie was overal aangebracht en afgeplakt. Ook alle doorvoeren door de folie en beschadigingen waren afgeplakt. Ten behoeve van de metingen zijn alle luchtkanalen afgeplakt en is de achterdeur vervangen door een zogenaamde Blowerdoor. In deze deur is een ventilator opgenomen waarmee de woningen op onder- en overdruk van circa 30 tot 70 Pa zijn gebracht.
De luchtdichtheid (qv;10;kar) van de woningen varieerde van 0,21 tot 0,31 dm3/(s.m2). Tijdens de metingen is met behulp van een rookproef gezocht naar lekkages in de schil. De zwakke plekken die aan het licht kwamen:
• deuren waren nog niet goed afgesteld, waardoor de drievoudige kierdichting niet naar behoren werkte;
• folie was op sommige plaatsen beschadigd waardoor lekkages aanwezig waren;
• tape was niet overal goed sluitend aangebracht;
• glaslatten waren in een aantal gevallen niet exact de juiste maat waardoor infiltratie mogelijk was en de hieldichting ontbrak.
Na oplevering van de woning zal de luchtdichtheid van de woningen nogmaals getoetst worden. Ze moeten dan aan de gestelde eisen voldoen.
Conclusies
Het luchtdicht maken van woningen op het niveau van passiefhuis is nieuw in Nederland. Het vergt de nodige aandacht: het voorkomen van koudebruggen bij applicatie van isolatiemateriaal en later gebruik en een ontwerp dat ervoor waakt dat dampremmende folies bij aansluitingen onbeschadigd aangebracht kunnen worden, ook bij hoekdetails.
Het tussenresultaat van de metingen in Roosendaal is bemoedigend; er is een grote kans dat de passiefhuis-eis na afbouw wordt gehaald. Daaruit blijkt dat passief bouwen in Nederland geen utopie meer is!
Projectteam
Bij het project zijn de volgende partijen betrokken:
Aramis, VDM Woningen, Rockwool Benelux B.V., De Vries Kozijnen, Brink Climate Systems, Han van Zwieten architecten, DHV en Trecodome.